BS & F

Sociaal-economische gezondheidsverschillen

Mensen met een hoge opleiding leven gemiddeld 6 à 7 jaar langer dan laagopgeleide mensen. Het verschil in levensjaren waarin mensen de gezondheid als goed ervaren bedraagt zelfs 16 à 19 jaar. Ook komen in Nederland onder allochtonen meer gezondheidsproblemen voor dan onder autochtonen.

Factoren

De sociaal-economische gezondheidsverschillen in Nederland worden verklaard door drie factoren (die elkaar bovendien onderling versterken): 

  • Fysieke omgevingsfactoren: een veilige, groene en schone werk- en woonomgeving.
  • Sociale omgevingsfactoren: de mate van controle hebben (of ervaren) over de eigen situatie, het (niet) hebben van steun uit de omgeving.
  • Gedragsfactoren: eigen gedrag bepaalt in belangrijke mate iemands gezondheid. Het gaat hierbij niet altijd over vrije wil: gedragskeuzen worden ook beïnvloed door financiële, sociale en culturele omstandigheden.

Meerdere beleidsterreinen

Gezien de diversiteit van bovenstaande factoren is de inzet vanuit meerdere beleidsterreinen vereist om de sociaal-economische gezondheidsverschillen te verkleinen. Het gaat hierbij om gezondheidszorg, maar ook om volkshuisvesting, sociale zekerheid, onderwijs en arbeidsomstandigheden.

Samenwerking diverse partijen

Om sociaal-economische gezondheidsverschillen te verkleinen is samenwerking tussen partijen onmisbaar. Het gaat dan onder andere om de gemeente, de GGD, de (lokale) zorgverzekeraar, zorgprofessionals en woningcorporaties. De gemeente zou daarbij logischerwijs de regierol kunnen vervullen, ook gegeven haar wettelijke taken op dit terrein vanuit de wetten WMO, WWB en WPG.

Meer informatie over sociaal-economische gezondheidsverschillen is te vinden via:

 

terug